Een nieuw toekomstperspectief voor Vreewijk

Het Witte Paard is een belangrijk icoon in de Rotterdamse wijk Vreewijk. Dit icoon krijgt een nieuwe bestemming. CONCIRE maakte een aanzet voor een maatschappelijk ondernemingsplan.
lees verder >

 

De Flexibele Festival Formule

In de maand november werkte CONCIRE in opdracht van de Stichting Rotterdam Festivals aan een methodiek voor festivalprogrammering van plekken in de stad Rotterdam.
lees verder >

Gemeenteraad Vlaardingen omarmt gebiedsconcept Buitenstad

Eind 2009 reageerde de gemeenteraad positief op het concept Buitenstad Vlaardingen dat CONCIRE in korte tijd ontwikkelde samen met de gemeente en twee Vlaardingse woningbouw-corporaties. Op dit moment is dit samen met de uitwerking in vijf gebieden in de inspraakprocedure.
lees verder >

Kadestad op Zuid

CONCIRE rondt visie af op het in de Stadsvisie 2030 benoemde VIP (Very Important Project) Ontwikkelingsstrategie Woonmilieu Kop van Zuid in de vorm van het boekje Kadestad op Zuid.
lees verder >

CONCIRE wint selectie Spoorzone Roosendaal

CONCIRE heeft, in samenwerking met KCAP en Bureon, de selectieronde voor de ontwikkeling van Spoorzone Roosendaal gewonnen.
lees verder >

Kasteel Schaesberg

De gemeente Landgraaf heeft de ambitie uitgesproken om het landgoed Schaesberg met Kasteel en Hoeve nieuw leven in te blazen. CONCIRE is door Buro Lubbers gevraagd om een eerste aanzet te maken voor de businesscase: de herbouw van het kasteel met hoeve.
lees verder >

 

IkZitopZuid
Mix en Mezze



CONCIRE is samen met WSA Stedelijke Ontwikkeling en Dura Vermeer Bouw Rotterdam initiatiefnemer van de beweging IkZitopZuid (IZoZ). IZoZ is een beweging van een groeiende groep ondernemers die voor de lange termijn haar verantwoordelijkheid neemt voor de sociaaleconomische versterking van Rotterdam-Zuid en de Drechtsteden. Zij doet dit door gebiedsgerichte businesscases te initiëren vanuit een duurzame ruimtelijk economische visie en het maken van ruimte voor privaat initiatief en investeringen, onder het motto: Werk terug naar Zuid!

Op donderdag 4 februari vond de ‘IkZitopZuid’ Mix en Mezze plaats in de Creative Factory.

Na een inleiding van wethouder Dominic Schrijer volgt een presentatie van een visie op een economisch toekomstperspectief van Rotterdam-Zuid door prof.dr. Pieter Tordoir. Tordoir schetst een urgent beeld: Rotterdam-Zuid dreigt de mijnstreek van de Randstad te worden als niet wordt ingegrepen. Aan de andere kant liggen er grote kansen in nieuwe markten voor de van oudsher in het gebied aanwezige bedrijvigheid. Voor deze ‘midtech’-bedrijvigheid op het gebied van waterbeheersing en energie gloort een nieuwe toekomst als wordt ingespeeld op mondiale groeimarkten door klimaatverandering en duurzame energie. Hierin liggen ook grote kansen voor nieuwe werkgelegenheid voor Rotterdam-Zuid.

Vervolgens licht filosoof dr. Henk Oosterling zijn concept Vakmanstad toe. Door in te zetten op vakmanschap kan de stad en vooral Zuid zich de komende jaren positief ontwikkelen. Nu al is er een tekort aan vakmensen en de jeugd van Zuid zou dit gat kunnen vullen. Hier vindt hij verbinding bij de visie van Tordoir: Jongeren moeten, nadat ze hun opleiding hebben afgerond, de kans hebben werk te vinden op Zuid en onderwijs volgen dat aansluit bij de wensen van het bedrijfsleven.

Zijn beide visies met elkaar te verbinden door middel van concrete businesscases op Rotterdam-Zuid? Met deze vraag gingen vertegenwoordigers van het Rotterdamse bedrijfsleven, onderwijs en gemeente in kleine groepen van uiteenlopende samenstelling aan de slag. Het werd een avond vol energie en verrassende ideeën. Ideeën varieerden van de herontwikkeling van een bedrijventerrein tot vakwerkplaats en het opzetten van nieuwe mentor-gezelrelaties.

De komende periode wordt een aantal businesscases opgepakt. Het is de bedoeling nog dit jaar van start te gaan met de uitvoering ervan. CONCIRE gaat dit proces samen met WSA Stedelijke ontwikkeling ondersteunen. Wordt vervolgd!

Foto: bijeenkomst 4 februari

Meer informatie over Ik zit op Zuid:

www.ikzitopzuid.nl

print versie >

 

   


GEMEENTELIJKE AMBITIE VOOR 2030 DAADWERKELIJK REALISEREN
COLUMN
Ron Jalving

Begin april gemeenteraadsverkiezingen in Breda, mijn woonplaats. In BN/De Stem stond het weekend daarvoor een mooi overzicht van alle partijen die meedoen met de verkiezingen. Alle onderwerpen in de linkerkolom en de politieke partijen in de bovenste rij. Een mooie matrix om de partijen onderling te vergelijken en op die manier te besluiten op welke partij te stemmen. In Breda hebben alle partijen, maar dan ook alle partijen, concrete bestemmingen voor concrete locaties. Zo wil de VVD een mooie haven, zo wil Breda ’97 weer de oorspronkelijke loop van de rivier de Mark terug in de stad, en wil de PvdA woningbouw op het terrein van de voormalige suikerfabriek. Niet één partij die een concrete locatie gaat invullen op basis van een ruimtelijke stedelijke visie of die bij de invulling een relatie legt met een of andere stedelijke visie. Als burger stem ik dus op een haven, stromend water of woningen. Ik ben er na enige studie nog niet achter wat een haven, stromend water of woningen precies bijdragen aan de knelpunten in de stad Breda. Evenmin ben ik er na enige studie achter wat mogelijk en wenselijk is op de betreffende locaties. Na de coalitievorming wordt ongetwijfeld een stedelijke visie gepresenteerd waarin een haven, stromend water of woningen een belangrijke rol speelt. De onderliggende problematiek van Breda, de strategische keuzes, de effecten van de kredietcrisis, de toegevoegde waarde van het plan op stedelijk of regionaal niveau, allerlei leefbaarheidsvraagstukken en maatschappelijke vraagstukken komen bij de presentatie nog maar zijdelings aan bod. Het nieuwe college van B&W is enthousiast over de mooie haven, de mooie waterkant of het aantal woningen.

Zijn er dan geen strategische gebiedsvisies, of ambities op stedelijk niveau geformuleerd? Natuurlijk wel, ze zijn alleen moeilijk uit te leggen of te technisch. Kort gezegd: ze zijn niet sterk genoeg en vormen daarmee onvoldoende basis voor het maken van keuzes. Concrete oplossingen voor concrete problemen zijn dan makkelijker te communiceren, zeker in verkiezingstijd. Probleem met deze concrete oplossingen is dat de relatie met de bovenliggende strategische visie onderweg is verdwenen. De ambitie voor 2030 op stedelijk niveau is niet meer de basis voor de gepresenteerde plannen, maar in de discussie staan de plannen op zichzelf en de oplossingen dus ook.

Een goede visie heeft een duidelijk richtinggevend karakter, is gebaseerd op algemeen gedeelde waarden, is integraal, eenvoudig uit te leggen en vat de onderliggende complexiteit en problematiek goed samen. Een goede visie is ook gemakkelijk te vertalen naar uitvoering, maar helaas ligt daar al het volgende probleem. In de uitwerking dient het integrale richtinggevende idee te worden vastgehouden. Gemeentes werken zelden integraal, de gemeentelijke diensten maken de dienst uit. Dus als er al een sterke visie ligt, dan wordt deze vaak door de ambtenaren om zeep geholpen door een versnipperde aanpak. Er wordt met zijn allen dan wel een bijdrage geleverd aan dezelfde visie, maar de onderlinge afstemming laat ernstig te wensen over.

Ik wens dat de nieuwe coalities gaan werken aan een agenda voor de stad/gemeente van 2030. En dat deze agenda vervolgens leidend is voor de politiek gekleurde keuzes die gemaakt moeten worden in de komende jaren. Onder het motto: de visie dient te verbinden, en de uitwerking dient te onderscheiden. Ook wens ik alle gemeentes een aantal (top)ambtenaren toe, die integraal de regie kunnen voeren over de agenda van de stad. Als er een politieke partij is of komt die dat opneemt in haar programma, heeft die in ieder geval mijn stem.


Ron Jalving werkt met zijn bedrijf Upswing bv veel voor gemeentes aan opdrachten op het snijvlak van organisatieontwikkeling en ruimtelijke ontwikkeling. Samen met CONCIRE worden gebiedsconcepten (strategie) vertaald naar de realisatie binnen de gemeentelijke organisatie.

print versie >